Verslag dag 4

Donderdag 28 juli 2005
Dag 4
Tekst: Frits Riemersma

Een bijzondere Koninginnerit 2005, fritsies mooiste.

 

Het is donderdag 28 juli 2005. De traditionele koninginnerit van deze week is gelukkig weer op de donderdag. De avond ervoor is besloten dat niet alle deelnemers de klassieker pakken. Een alternatief is gevonden. De tenten trillen van de spanning en de ritsen van de tenten zijn vroeg in beweging die morgen.

 

We vertrekken gezamenlijk om ongeveer 08.30 uur richting Col d`Izoard. Wil je hem stevig naar boven rijden wat niet is aan te raden dan zul je al snel een uur nodig hebben. We starten en de klok gaat tellen vanaf de afslag ………. Bijna iedereen is aanwezig. Ieder trekt zijn plan en onderweg wordt er nog even gekeuveld maar niet voor lang. Alleen de ademhaling hoor je spreken. Vooral tijdens het beruchte stuk vanuit het dorp naar het bos. Een wijds gezicht met prachtige alpenweiden links en rechts, deze verbloemen het stijgingspercentage. Terug naar het kleinste verzet 39-25 is het motto. Soms het voorwiel uit het smeltende asfalt trekkend. Het blijft een geweldige uitdaging dit stuk te pakken. Je haalt eens iemand in en wordt eens ingehaald. Staan op je pedalen over je schouder kijkend het dal in. Waar zijn je medezwoegers. Goed bovenkomen met niet al te zware benen want de dag moet nog beginnen. Gelukkig blijft het weer stralende en op de col zitten de eerste renners al in het alpengras te wachten op de rest. Hier vindt de scheiding plaats.

 

Een groep gaat via Brainçon naar Col de Granon en de anderen gaan het koninginnen programma volgen. Col de Montgenèvre, Sestrière, Col de Finistre en via Sestrière terug over Col de Montgenèvre, via Briançon terug naar Guillestre ongeveer 200 km. Uiteindelijk blijven er zeven renners over en gaan de uitdaging aan. Een ware uitdaging. Immers de Giro van 2005 met de gehele rennerscaravaan ging over deze col. De motivatie om dit ook te fietsen was enorm. We dalen af en komen aan in een warm Briançon. Van hieruit in lint naar de Italiaanse grens. Een brede weg met haarspeldbochten omhoog. Gelukkig niet veel verkeer en ieder op zijn eigen tempo komt aan op de Col de Montgenèvre. We wachten op elkaar en drinken een cola. Erwin vandaag verzorger van de groep heeft pech met zijn auto en durft het niet aan om de Col de Finistre over te rijden. We gaan zonder verzorging verder en zijn op ons zelf aangewezen.

 

Afwisselend van kop rijden we door zomerse ski-oorden die in het teken staan van de Olympische spelen 2006 van Turijn. Mochten we het niet zien dan worden we wel herinnerd door grote billboards aan de kant van de weg. We dalen af maar moeten al snel in de remmen. De tunnels en de weg naar beneden zijn in revisie. Nou ja dan maar rustig aan. Als we in het dal zijn aangekomen krijgen we te maken met een stevige warme wind op kop. Het tempo zit er flink in. We kijken uit naar de plaats aan de voet van de Col de Finistre, Susa. We volgen de weg naar Oulx. We weten van elkaar dat we door moeten rijden anders zijn we niet voor donker thuis. Maar dan slaat even het noodlot toe. De eerste lekke band en ook de laatste. Feike, voor het eerst mee met de fietsweek en direct de koninginnerit meerijden, heeft problemen met de achterband. Snel wisselen, vele handen maken licht werk. We gebruiken de tijd ook voor een sanitaire stop. Dan denderen we door naar Susa. Om even voor 3 uur komen we aan bij de voet van de col. Er hangen donkere zwarte wolken de col. Van puur enthousiasme rijden we Susa voorbij om aan de voet van de col de Finistre toch maar te besluiten om terug te gaan om even wat te gaan eten, voor het geval dat……..

Midden in het stadje vinden we een geweldig eetcafé, Restaurant, Pizzeria, “Bar Miro”. We zitten chick aan tafel met het oog op onze fietsen. Het wordt spaghetti met vis en een heeeeele grote cola. Het is altijd even wennen om weer op gang te komen na een dergelijk pasta maaltijd. Met een volle maag de Col delle Finistre (Italiaans) op. Het bord wijst 19 km aan. Het duurt maar even of de groep van zeven ligt uit elkaar. Ieder maar op zijn eigen tempo naar boven. Een prachtig wegdek vol beschildert met bekende wielrennersnamen. Die van ons staat er ook tussen, maar dat maak ik mezelf wijs. Dat fiets gemakkelijker, wanneer je vanaf het asvalt wordt toe geroepen. De weg is smal maar erg goed. Kilometers bos links en rechts. We rijden zigzaggend omhoog en zo nu en dan krijg je een glimp van je kompanen. Maar al snel verdwijnen we uit elkaars gezichtsveld. De klim is 12 km met asvalt voorzien en een gemiddelde van 8%, met stukje van 10/11%. Ja, dan ga je even op de pedalen staan. En dan van het ene op het ander moment gaat het asvalt over in een wegdek van kleine en grove grijze kiezels. In de bochten soms zo zacht dat de bandjes erin wegzakken.

 

Het is opletten om niet te vallen maar ook om je banden heel te houden. Onderweg worden de bomen steeds dunner om je heen en je probeert een glim op te vangen van de anderen. Het weer is hier en daar wat laag hangende wolken. De lussen worden steeds langer. De enige voorbijgangers of inhalers zijn een enkele motor, vierwielscooters en een boerenkar beladen met pakken hooi. Het is waanzinnig om hier te fietsen. Zo nu en dan een flits door je hoofd of de banden het wel zullen houden. Links en rechts foto makend al zittend op de fiets. Toch stap ik een keer af. Op zoek naar de anderen. De omgeving goed in je opnemen om vervolgens door te fietsen. Hier doe je het voor. Rijdend tussen de koeien, de geur en het geluid van de grote koeienbellen zie ik het pad naar boven lopen en in de mistflarden komt de Colle del Finistre in zicht. Wat een beleving. Ultiem. Een van mijn mooiste beklimmingen ooit waarvan de laatste 6 km van uitzonderlijke aard. Boven is het een kale plek met naar het noorden en zuiden mooie uitzichten. Geen restaurantje met de bekende cola en nouga repen. Alleen een oude betonnen paal met wat oude opschriften. Enkele wandelaars. En hier en daar een zonnestraal als de enige warmtebron.

 

Wanneer je als eerste boven bent, heb je als voordeel dat je ruim de tijd hebt om alles goed in je op te nemen. Je snuift al die geuren en uitzichten op. Daar komt op 5′ Esther uit de mist opdoemen, stil, lachend en vooral genietend en rustig als altijd, gevolgd door Menno. Het zal niet lang duren of Gerrit komt uit de mistflarden te voorschijn. Even later volgt Hoite en dan is het wachten en turen waar zitten de laatste twee. Op het grijze kronkelende gravelpad zien we vlak bij elkaar Feike en Harrie naar boven komen. Het is 18.00 uur wanneer we allemaal boven zijn en het wordt nu voelbaar kouder. We nemen snel nog enkele foto’s van deze historische Col en dalen af. Een geasfalteerde afdaling en om 19.00 uur zijn we onderaan in het dal aangekomen. De jassen gaan uit en nu zal er gefietst moeten worden richting Sestrière. Een prima weg niet veel verkeer maar wel omhoog en de benen worden steeds vermoeider en we moeten naar 2000m. Esther weet van geen ophouden en rijdt een stevig tempo naar boven.

 

Aangekomen in Sestrière wordt er gefoerageerd, cola en chocola. Sommigen beginnen er door te zitten. Harrie kijkt al uit naar een goed hotel, maar we weten hem over te halen om toch maar mee te gaan. Vanuit Sestriere is het een flinke afdaling. We komen uit bij Oulx (1400 m) en van hieruit moeten we de Col de Montgenèvre nog beklimmen. Tussen het werkverkeer door rijden we naar boven. Esther voorop, Hoite en Frits blijven bij Harrie om die met mental talk’s naar boven te krijgen Het is dan 20.00 uur.

 

We besluiten om niet te rusten, we zullen voor donker op de camping moeten zijn. De afdaling naar Briançon is fraai en gaat snel. Feike blijft achter en we maken ons zorgen maar aangekomen in het stadje heeft hij de aansluiting gevonden. Het is nu zaak om door te fietsen en tempo te houden tot aan de camping in Guillestre. Ik besluit om de kop te nemen. Het tempo strak en hoog te houden, maar wel zo dat iedereen mee kan. Het wordt stil achter me. Er wordt niet veel meer gesproken maar wel gefietst. We beseffen maar al te goed dat je hier beter niet met donker zonder verlichting kunt fietsen. Niemand neemt over, ja Harrie doet nog een moedige poging maar dat zal niet lang duren. Ik neem de kop al snel weer over en geef deze ook niet meer af. Waarom eigenlijk vraag ik me herhaaldelijk af. Het is het ritme waar je in zit en de moraal. Deze dag, die Collen, het weer en de groep. Daar haal je de bijzondere krachten uit. Doorrijden is het motto. Het is 21.40 uur dat we de camping oprijden. De schemering gaat over in de nacht. We hebben het gehaald. Meer dan 13 uur op de fiets iets meer dan 205 km op de cateye.

Veilig thuis met 6 medefietsers de Col de Finestre (Frans) beklommen. Een dag en een ervaring om nooit meer te vergeten. Let wel niets ten nadele van al die vele historische en heroïsche tochten in het verleden. Ze hebben allemaal hun eigen verhaal. Maar dit is mooiste in vele opzichten. Prachtig weer, mooie bijzondere Collen, goede vorm, plezierig afzien, De verbazing over jezelf dat je dit nog aankunt. Eén van mijn mooiste fietsdagen van de vele fietsweken. Met dank aan Esther, Gerrit, Harrie, Hoite, Menno en Feike. En niet te vergeten de directie die het aandurfde om deze tocht in het programma op te nemen. Tot over 3 jaar?? Frits Riemersma.

 

donderdag 28 juli 2005
Dag 4
Tekst Ben PLantinga

 

Prinsessenrit naar Col du Granon.

 

Voor de inmiddels al legendarische koninginnerit naar de Col de Finestre was maar een zeer select groepje te porren. Het was dan ook een afschrikwekkende tocht naar het zich deed aanzien. Echter de deze dag mindere goden hadden een acceptabel alternatief gevonden: de Col du Granon. Drie jaar eerder was deze col uit de Koninginnerit geschrapt door de tourdirectie, dus was dit een mooie tweede kans. Het weer was daarbij aanmerkelijk beter dan destijds.

 

Samen met de echte goden werd de Col d’Izoard beklommen om de spieren enigszins los te trappen. Toen de bikkels van de dag reeds waren vertrokken, is de groupe Granon afgedaald en wist tourdirecteur de Kok zich nog de juiste afslag te herinneren naar de voet van de col. De col heeft een hoogte van 2413 meter en werpt daarmee haar schaduw over d’Izoard. De Tour heeft de Granon ook al jaren niet aangedaan, wat ook iets zegt over de zwaarte van deze klim. Onbekend maakt onbemind geldt voor vele van de mooiste klimmen. Je moet om de col te toppen meer dan 11 km klimmen met een hoogteverschil van zo’n 1000 meter.

 

Dit komt neer op een gemiddeld stijgingspercentage van zo’n 9 procent. Onderweg naar boven kon je genieten van een prachtig landschap en een prachtig parcours. Het uitzicht op de Ecrins werd steeds mooier. En het was afzien of je nu wilde of niet. Het was te steil om te relaxen, hoewel sommige onder extra gemotiveerd werden om zo snel mogelijk boven te komen door een wolk hongerige horzels. Bovengekomen werd de beloning van het uitzicht alleen maar groter. Het schijnt dat je wandelschoenen mee moet nemen omdat het een prachtig wandelgebied is en dat kwam ons niet onwaarschijnlijk voor.

 

Terwijl het grootste deel van de groep zich tegoed ging doen aan koffie en gebak, daalden Job en Ben af om de col d’Izoard weer te beklimmen om zo nog enige hoogtemeters aan hun dagelijks gemiddelde toe te voegen. Al met al was deze etappe een waardig alternatief voor de mensen die om wat voor reden dan ook niet voor de extreme uitdaging van de Finestre hadden gekozen.
Ben Plantinga.